Delen met:

Melissa’s verhaal

In deze blog deelt Melissa haar verhaal.

Ze stelt zich erg open.

Ze durft nu te vertellen dat ze aan zelfbeschadiging deed en op dit moment problemen heeft met het regelmatig en gezond eten. Ze legt hier uit hoe dit is ontstaan bij haar.

Zeker ook de moeite waard om te gaan delen.

Zij is immers niet de enige waarbij dit speelt. Het heeft haar opgelucht dit te durven vertellen aan anderen. Het begrip dat ze van anderen kreeg deed haar erg goed. Melissa laat zien dat praten helpt!

Zie ook wat voor haar heeft geholpen meer weerbaarheid te ontwikkelen.



Melissa’s
verhaal (17 jaar):

Ik was altijd een heel druk kind. Erg onrustig. Erg onzeker. Ik werd gepest, mensen noemde me besmettelijk, ze gingen hun handen blazen en gillen als ze me aan raakte.

Waarschijnlijk omdat ik minder mooie kleren aan had en ik er minder verzorgt uitzag, maar dat komt omdat me moeder in de bijstand zit en het dus financieel nooit echt breed heeft en ze veel schulden krijgt. Waar ik me trouwens ook voor schaam en zorgen over maak.

Zolang ik me kan herinnerden doe ik eigenlijk mezelf al pijn, op verschillende manieren. Het begon met krabben, tot bloedens toe, zelf wonden maken. Mijn eerste herinnering is toen ik 6 was. De juf belde me moeder omdat ze dacht dat ze me mishandelde maar dat deed ik gewoon zelf.

Krabben was voor mij een soort medicijn omdat ik zo onrustig was. Mensen maakte er weleens zorgen over maar ze zagen het nooit echt als zelfbeschadiging omdat je dan denkt aan snijden. Door die wonden en de littekens werd ik nog onzekerder.

Groep 6 was mijn jaar. Het jaar in mijn jeugd dat ik niet werd gepest, was gewoon mezelf. Alleen vanwege me ADHD moest ik naar een speciale school. Ik nam het gedrag een beetje over van andere “probleemkinderen” werd de klassen clown, schelde juffen uit dat soort dingen. Mensen gaven weleens lullige opmerkingen maar dat was het ook wel.

Toch miste ik me vrienden in groep 6. Die ben ik kwijtgeraakt, ook die van de speciale school en de onderbouw van de middelbare. Ik vond het moeilijk om vrienden te onderhouden. Omdat ik dacht “waarom zullen ze vrienden met jou zijn je bent het niet waard etc”

Toen ik 12 was werd het krabben erger omdat ik in de pubertijd kwam en ik me lichaam haatte, meer dan ooit. In de eerst klas: Ik was erg in de war, deed niks voor school, ging ongezond eten, last van maagzuur, hartkloppingen, hyperventilatie. Werd gepest. Een meisje gooide me brood weg tijdens gym, ze sloeg me vaak en zei zo van “je zit toch op karate sla dan terug”. Maar dit was nog niet zo erg omdat ik een paar vriendinnen had.

In de tweede moest ik weer naar een speciale klas. Ik was opeens super stil. Dag in dag uit zei ik geen woord. Ze gooide pennen naar me hoofd als de leraar niet keek, schelde me uit voor manwijf. Dat meisje zij dat ik make up moest gaan dragen dus deed ik dat en toen zei ze ‘denk je nu dat je mooi bent want dat ben je niet’ dat soort dingen.

Ik was me vrienden verloren. Lag altijd thuis in bed in me kamer. Kon nergens meer van genieten. In de vierde klas eindelijk naar een normale klas. Was blij alleen die oude vrienden die ik toen had zaten in die klas die me dus nu negeerde. Ik zat altijd alleen. At op de wc. En lag altijd in bed. Toen begon eigenlijk de nare gedachtes erger te worden. Ik dacht waarom zou ik er nog zijn, niemand boeit het toch. Ik begon met een paar krasjes op me arm toen ik 15 was ik. Alleen daar bleef het niet blij. Het gebeurde steeds vaker, steeds dieper, uiteindelijk elke dag snijden. Het enige waar ik nog aandacht is mezelf snijden. Bijna een soort verplichting, verslaving.

Ik deed het omdat ik zou veel pijn had vanbinnen ik het een beetje naar de buitenkant verplaatste omdat het de pijn te zwaar werd vanbinnen. Het gaf me op het moment zelf even een soort opluchting. Rust in me hoofd. Natuurlijk deed het pijn, maar het was meer een soort druk. En ik wou mezelf straffen. Maar het maakte niks beter, alleen maar erger.

Mijn belangrijkste doel was niemand mag weten dat er maar ook iets aan de hand is met mij en hoe ik me voelde. Toch merkten me moeder wel wat: opmerkingen als ‘waarom spreek je niet met … af? Je wordt toch niet depressief? ‘. Maar niemand wist van het snijden. Kreeg meer zelfhaat en suïcidale gedachtes niet zo zeer van ik ga dit doen, en ik zou ook nooit zoiets doen maar het boeide me niet als ik te ver sneed. Voelde me een soort geest. Ik was me zelf verloren. Het is een soort drijfzand hoe dieper je erin zit hoe moeilijker het is om eruit te komen.

Ik had gelukkig 1 vriendin, we zaten op dezelfde school alleen zij had haar eigen vriendinnen maar we appte best veel. Ik zei best veel negatieve dingen over mezelf tegen haar. Ik had het niet eens door omdat ik het zo gewend was. Ze ging naar mijn mentor toe omdat ze zich zorgen maakte. Maar ik zei dat alles goed ging tegen me mentor en die geloofde dat maar ik besefte me toen wel hoe negatief ik was. In de zomer was ik gestopt met snijden. Met de grootste reden omdat het warm weer is en ik niet wou dat me moeder erachter kwam. Toen dit school jaar begon dacht ik eindelijk een nieuw begin. Af en toe ging mis op me benen of me buik maar over het algemeen ging het goed. Nog steeds niet mezelf maar meer dan in de 4de.

Alleen toen ging het mis. Me vader wou zelfmoord plegen, kreeg veel zorgen. Ik had altijd al problemen met me vader: dan heeft die 2 auto-ongelukken, een TIA, dan slaagt hij me broertjes weer, dan is die weer agressief dan weer lief, dan wordt die weer opgepakt door de politie, weer in de gevangenis, en dan bedreigt hij me moeder, mag ik me zusje niet zien, ligt die met een heroïne spuit in het bos. Hij heeft een persoonlijkheid stoornis. Ben altijd al een beetje bang voor hem. Hij is erg onvoorspelbaar. Maar het blijft me vader.

In me hoofd was het zo van “ik mag me niet zorgen maken ik moet me niet aanstellen moet me gewoon goed voelen ik ben het gewend dat die zo is.” Maar me lijf zij wat anders. De dag dat hij zelfmoord wou plegen ben ik toen ziek naar huis gegaan omdat ik gewoon niet normaal kon ademen. Weer nare gedachtes. En toen ging ik mezelf weer snijden, Ik wou controle hebben over me leven maar dat had ik niet.

Een docent is er later achter gekomen. Ze wou me armen zien. Binnen 5 minuten wist mijn mentor het en vervolgens mijn moeder. Die had ze gebeld. Ik vond het vreselijk. Mijn geheim was uitgekomen. Van sociaalwerker op school naar sociaal wijkteam naar huisarts en binnenkort psycholoog en diëtiste van een kinderziekenhuis. Omdat ik op dit moment mezelf op een anderen manier pijn doe.

Ik honger mezelf uit en als ik het niet meer hou dan bam heb ik een eetbui maar dan kots ik alles uit. Hier heb ik de laatste 2 maanden ongeveer last van. Van 1 keer kotsten naar elke dag. Ben nu bijna 11 kilo afgevallen. Ik heb nu meer eetbuien en val dus minder af. Een soort vervanging voor het snijden. Want het is zomer en ik een manier moet hebben om met dingen om te gaan. Ik weet dat was ik doe en wat ik deed niet goed is maar ben niet dom.

Vandaar dat ik soms zo moe ben en op de tafel lig. Maar ook gewoon moe in me hoofd, moeilijker focussen, spieren zijn slapper ect.

Vaak voelt het alsof ik moet huilen maar niet meer kan huilen, zelfhaat, leegte en vaak gedachtes en discussies in me hoofd van je moet dood/ik wil dood, je bent dik/ik ben dik, je verdient geen eten/ik verdien geen eten.

In de vierde klas kon ik mezelf gewoon niet meer aankijken in de spiegel. Nu wel om me lichaam te checken. Een persoon van het sociaalwijkteam zij in een verwijzing “de spver (soort huisarts) geeft aan om zorgen over M te hebben vanwege een bedreigde persoonlijkheidsontwikkeling, boardeline achtige problematiek (cluster B) , sociale problematiek, en depressieve klachten… er is momenteel sprake van een bedreigde eetstoornis ontwikkeling..” heftig voor mij om dit te lezen te krijgen.

Maar ondanks me eetproblemen die nu wel spelen ben ik toch ver gekomen. Ik spreek vaker af. Ik doe veel meer dan ik deed. Ik ben meer open over me problemen. Ik schaam me sinds kort minder om het te vertellen. Sta ietsjes meer open voor hulp.

Soms moet ik even terugkijken in hoever ik ben gekomen dan alleen maar teleurgesteld in mezelf te zijn.

Ben nu twee maanden clean van snijden. Ik ben niet trots op wat ik gedaan heb en ik zou dat nooit zijn. Maar ik ben wel trots dat ik dit heb verteld en dat ik clean ben.

Die littekens maken me niet tot wie ik ben het is van een strijd met mezelf. Ik ben er nog lang niet maar stapje voor stapje. Soms heb ik nog heel erg de neiging om mezelf pijn te doen, soms nauwelijks. Wat helpt is praten, muziek luisteren, een lijstje met redenen om het niet te doen, elastiekje om me arm, dansen, huilen, met vrienden afspreken/appen.

Maar ook om dankbaar te zijn voor wat ik wel heb. Ik heb een dak boven me hoofd, ik ben nog lichamelijk gezond, Ik heb een geweldige moeder en ik heb nu geweldige mensen in mijn klas. De sfeer is super. Ik vind heel fijn dat er geen groepjes zijn. En dat ik de kans heb gehad mijn verhaal met hun te delen, iets wat ik dacht dat ik nooit zou vertellen. Maar toch wel heb gedaan.

Ik wil voor mezelf vechten en niet tegen mezelf. Ik denk dat me negatieve gedachtes, gevoel en alles nooit helemaal weg gaan maar ik hoop dat het minder wordt en ik er beter mee om kan gaan.

Of mensen nou wel of niet zeggen dat je het waard bent uiteindelijk moet je het zelf doen en zelf in je geloven. En sommige mensen hebben er gewoon wat extra hulp bij nodig. Ik heb genoeg in me leven doorgemaakt om te weten dat er niks is waar je niet door heen komt.


Bekijk ook hoe Melissa aan haar weerbaarheid heeft gewerkt.